nl fr en

Radio Toneelhuis: De kale zangeres

Absurditeit ten top

In 2004 waagde Olympique Dramatique zich bij Toneelhuis aan De kale zangeres van Eugène Ionesco, een absurdistisch stuk uit 1950. 
Geert Van Rampelberg zei daar toen over: “Het is een ideaal stuk voor een kleiner project: een voorstelling van een uurtje, die we maar een maand spelen en waaraan we ook maar zes weken werken. We hebben wel al ondervonden dat absurdisme meer tijd vergt dan verwacht. Je kunt er uren, dagen over discussiëren, maar je wordt daar gek van. Het valt uiteindelijk niet te snappen waar dit stuk over gaat."

We doen toch een poging!

In De kale zangeres zijn we getuige van een gesprek tussen meneer en mevrouw Smith. Daarna krijgen ze het echtpaar Martin op bezoek, maken ze ruzie met hun dienstmeisje Mary en ontvangen ze de kapitein van de brandweer, met wie ze onnozele anekdotes uitwisselen.

Zijn personages ontleende Ionesco aan een taalcursus van Assimil. De Smiths en hun meid Mary zijn personages die eenvoudige Engelse zinnetjes debiteren. Als je die zinnetjes naar je moedertaal vertaalt, valt extra op hoe vreemd ze allemaal klinken. De personages doen doorlopend uitspraken waar niemand om heeft gevraagd en die hun gesprekspartner ook niets nieuws leren. Wat te denken van een vrouw die haar echtgenoot het volgende meedeelt: ,,We hebben soep gegeten, vis, aardappelen met spekjes en een Engelse salade. De kinderen hebben Engels water gedronken. We hebben goed gegeten vanavond." Het enige wat Ionesco moest doen, was deze onzin de genadeslag geven en aanvullen: “Dat komt omdat we in de buurt van Londen wonen en omdat onze naam Smith is."

Tijdens het schrijven gingen de banaliteiten uit het handboek al gauw een eigen leven leiden. De clichés verliezen elke betekenis en de personages verliezen hun psychologie. Mevrouw Smith verklaart dat yoghurt uitstekend is 'voor de maag, de nieren, de appendicitis en de apotheose'. De Martins lijden plots aan geheugenverlies en herkennen elkaar niet meer. Dat leidt tot een legendarische scène, waarin beiden pas na lang praten er achter komen dat ze elkaars wederhelft te zijn. Dit gaat terug op een autobiografische anekdote. Op een keer was Ionesco zijn vrouw in de metro kwijtgespeeld en toen ze een tijdje later weer opdook, sprak ze hem aan met de woorden: 'Monsieur, il me semble que je vous ai rencontré quelque part'. Ionesco speelde het spel mee, en recycleerde het later in zijn stuk.

De kale zangeres is een parodie, een traktaat over de ontoereikendheid en de clichématigheid van de taal. Het geeft een hilarische kijk op het bevreemdende karakter van de werkelijkheid. 

Beluister hier de lezing van het integrale stuk door Tom Dewispelaere, Stijn Van Opstal, Nico Sturm, Koen De Sutter en Tom Van Dyck op Radio Toneelhuis.

 

(tekst naar Mark Cloostermans in De Standaard, 24 november 2004)