Op 26 maart 2026 gaat in de Bourla de nieuwe voorstelling van Suze Milius in première: ALL TOGETHER NOW! Voor wie haar werk niet kent, publiceren we hier een mooi overzicht van haar oeuvre, gepubliceerd door Lietje Bauwens in april 2018. Een ontdekkingstocht door het werk van deze talentvolle regisseur.
Hoe zorg je ervoor dat iemand binnen tien minuten onderdeel van een gezin uitmaakt, zich verbonden voelt met onbekende busgenoten of opgaat in een televisieshow? Met voorstellingen als TALK SHOW, Exhibit en Huis creëert theatermaker Suze Milius, vanuit het gezelschap House Crying Yellow Tears, fictieve situaties waarin de toeschouwers worden geconfronteerd met elkaar, de ruimte en het eigen reactievermogen.
Een voorstelling van Milius begint lang voordat je het theater, huis of busstation binnenloopt. Door architecturale, maar zeker niet louter ruimtelijke, structuren wordt de bezoekers klaargestoomd voor het, of ‘hun’, verhaal, liefst al vanaf het moment dat je een kaartje koopt. “Je zou het proces installatief kunnen noemen,” geeft de regisseur zelf aan, “ik verplaats me steeds in de toeschouwer; wat wil ik teweegbrengen, wat moet men ervaren? Van daaruit werk ik, stapje voor stapje, terug tot ver voor de officiële start van de voorstelling.” Bij dit proces speelt de ruimte zo’n belangrijke rol dat het vaak haar vertrekpunt is. “Ik heb het graag over een ‘situationele ruimte’: een ruimte die zo zorgvuldig is vormgegeven dat het verhaal er als het ware vanzelf in ontstaat.”
Welcome to the human zoo, een van Milius’ oudere voorstellingen, is een goed voorbeeld van een dergelijk ‘installatiewerk’. De voorstelling beslaat een gezamenlijke busreis naar een utopische wereld. Voor de reis begint worden de deelnemers aan een bureaucratische procedure onderworpen waarin men afstand neemt van zijn/haar oude persoonlijkheid, en iedereen dezelfde achternaam krijgt. De groep wordt op de foto gezet, er is een jarige waarvoor gezongen wordt – allemaal doordachte manieren om de ‘toeschouwers’ op subtiele doch effectieve wijze een verbond te laten sluiten. Wanneer veertig minuten later de bus wordt overvallen door ‘guerilla-strijders’ is het groepsgevoel zo sterk dat de reizigers op onvoorziene, want instinctieve, manieren reageren op absurdistische dreigingen en sociale experimenten.
Milius begon ooit aan een studie antropologie maar besloot haar onderzoek naar de (her)organisatie van groepen en het instinct van de toeschouwende en deelnemende mens verder te zetten binnen een theatrale context. Voorafgaand aan, maar ook tijdens het verloop van haar voorstellingen test ze voortdurend hoe kijkers geleid en verleid kunnen worden en deze bevindingen neemt ze weer mee in volgende projecten. “Ik onderzoek de verwachtingen en verlangens van de toeschouwer, en probeer vervolgens vanuit generaliserende hypotheses het gedrag van mensen - en dus eigenlijk de realiteit - te regisseren.” In plaats van de sturende kracht van sociale relaties als beperkend te zien, bestaat vrijheid voor Milius juist uit de manipulatie hiervan. Ze creëert dan ook een ruimte waarin niet alleen zij als maker maar ook de deelnemers structuren naar hun hand kunnen zetten. “Ik vind het belangrijk dat mijn toeschouwers zichzelf op een andere manier gaan bekijken. Dat ze zowel participeren als toeschouwen, en soms zelfs in het moment hier alweer op reflecteren.”
Net als in Welcome to the human zoo wordt ook in Exhibit het publiek tegen zichzelf uitgespeeld. Nadat toeschouwers een expositie hebben bezocht, de verschillende kunstwerken hebben bekeken, nemen ze plaats in de tribune. Dan ‘valt het doek’ en kijkt de eerste groep op de tribune naar een tweede groep kunst kijkende bezoekers. Groep twee voelt zich beoordeeld en groep één herkent zich, wellicht vol schaamte, in het kijkgedrag dat zich nu op het podium afspeelt. Vanuit deze setting wordt de voorstelling vervolgens ingezet; een performance die zonder de bewustwording van de eigen, onbewuste, performativiteit niet mogelijk was geweest.
De eenpersoonsvoorstelling Huis begint voor Milius al op het moment dat het kaartje wordt gekocht: de deelnemer ontvangt een persoonlijke sms met instructies. Er moet een sleutel worden opgehaald bij een buurtcafeetje. Meteen gaat de toeschouwer aan de realiteit twijfelen. Speelt de barman een rol? Waarom kijkt die vrouw in de hoek me zo lang aan? Is de voorstelling al aangevangen? Iets later gaat deze de deur van een huis binnen. Door middel van enkel infrastructurele keuzes, dus zonder de fysieke aanwezigheid van zichzelf of acteurs, stuurt Milius hem of haar van kamer naar kamer. Het is niet toevallig dat in díe hoek een lichtje brandt, er juist op de bank een tijdschrift ligt – allemaal zijn het uitkomsten van een lang onderzoek naar de manier waarop je de neigingen en nieuwsgierigheid van de toeschouwer manipuleert. “De grootste uitdaging is vaak om ervoor te zorgen dat de toeschouwer zich veilig voelt, zich overgeeft, meedoet.” Maar Huis is zo vormgegeven dat een passieve toeschouwer het verloop van de voorstelling evenzeer beïnvloedt, en het dus geen kwestie is van wel of niet participeren, maar van hóe.
Nadat het kwartje, bij ieder op een ander moment, valt en de bezoeker zich realiseert dat hij of zij zélf een (hoofd)rol speelt in het in dit huis woonachtige gezin, begint een vijfenveertig minuten durende familiescène. Wie zelf kinderen heeft wordt op een heel ander oergevoel aangesproken dan wie bijvoorbeeld een miskraam heeft gehad, of zonder ouders is opgegroeid. En zo neemt Milius zelf ook steeds een nieuw verhaal waar, dat zich dan wel binnen door haar zorgvuldig afgestelde parameters mag afspelen, maar door de fundamentele ongemakkelijkheid en onhandigheid van mensen oneindig veel onvoorspelbare uitkomsten kent.
Net als in Huis werkt Milius in Zwischen met een bestaande familie, en wel de familie van Kris Cuppens. Samen met zoon, dochter, vader en grootvader onderzocht ze wat het eigenlijk betekent om ‘vader’ of ‘halfzus’ te zijn. Wat maakt thuis een thuis? Wat is ‘thuiskomen’? Welke rituelen horen hierbij en hoe kunnen deze juist doorbroken worden? Deze vragen lopen als een motief door het oeuvre van Milius heen. Haar nieuwste voorstelling TALK SHOW bouwt hierop verder door terug te grijpen naar de familiaire activiteit van het kijken naar praatprogramma’s; de vertrouwde mensen op televisie, die elke dag weer terugkeren.
Waar Exhibit en Welcome to the human zoo groepsgevoelens tussen deelnemers juist aanzetten en bespelen, staat de bezoeker van Huis er alleen voor wanneer deze abrupt uit zijn of haar rol wordt gerukt en ‘zijn’ gezin vanuit de deuropening ziet wegrijden. Milius laat hier de regie los en in een identiteitsloos vagevuur tussen de enerzijds fictieve en anderzijds eigen realiteit heeft de toeschouwer alle vrijheid de deur meteen dicht te trekken of het thuiskomen nog even uit te stellen. De toeschouwer wordt gedwongen te reflecteren op het eigen toeschouwerschap, zonder deze direct te kunnen bespreken of te vergelijken. De tegennatuurlijkheid hiervan wordt zichtbaar in de reacties die Milius, onder andere via de na afloop meegegeven kaartjes, op Huis krijgt; zowel de toeschouwers als een aantal gezinsleden voelen zich in de steek gelaten, willen hun ervaringen delen, de families weerzien en andere bezoekers ontmoeten. Dit verlangen naar de organisatie van een dergelijke ‘reünie’, staat echter haaks op juist het emotionele omarmen en weer loslaten van het wegglippende moment dat Milius in Huis voelbaar heeft proberen te maken.
Deze fascinatie voor de melancholie van de exclusiviteit van het ‘nu,’ is aanwezig in al het werk van Milius, en gaat in de kern over het uitzoomen en reflecteren op alle levens die je had kunnen hebben. Voor Milius heeft dit een hoopvolle connotatie: “Melancholie is voor mij gelukzaligheid, juist omdat ik voel, juist omdat ik reflecteer.” Een analyse van het toeschouwerschap zelf kan makkelijk als een dooddoener worden opgevat, maar is voor Milius daarentegen een oprechte poging deze uit te rekken. De reflectie van de Exhibit-bezoeker op zijn eigen kunstkijkende maniertjes is, meer dan een ironische kritiek op de kunstwereld of de gedragsnormen hierbinnen, juist een ode aan kunst (objecten) en de mogelijkheid je hier vol nieuwe verwondering toe te verhouden.
Bekijk hier een showreel van Suze Milius' eerder werk:
met beeldmateriaal uit
- Ground Floor - Orkater ism Annelinde Bruijs & Maartje Wortel
- TALK SHOW - House Crying Yellow Tears & HZT
- Exhibit - House Crying Yellow Tears
- Familie Grrr - hetpaleis / De Nwe Tijd
- NOT HERE - O. Festival ism Annelinde Bruijs
- Solitude hotel - O. Festival ism Annelinde Bruijs
- Donder // Torden / Suze Milius & KHIO Oslo
- TAL / Bog & Jens Bouttery
- A masterpiece / Dennis Vanderbroeck & HZT
- Boven water/ Het nieuwstedelijk & de queeste
- Tickle me Pink / stefan jakiela, jimi zoet, marijn de jong en karel van laere
- Collection/ Huis van Bourgondië
Showreel door (c) Forest Films